Moet u ook afrekenen met de fiscus?

“Ondernemers moeten vaak noodgedwongen doorwerken, omdat ze geen rekening hebben gehouden met het feit dat ze bij beëindiging van hun bedrijf met de fiscus moeten afrekenen en ook bijvoorbeeld wanneer het onroerend goed van zakelijk naar privé gaat.” Dat zegt Melle Veenstra van Retail Makelaar, specialist in de aan- en verkoop van (winkel)panden. Schrijnende gevallen komt Veenstra tegen. “ En het komt meer voor dan menigeen denkt. Veel ondernemers moeten doorwerken, zeker nu het economische klimaat ook nog tegen zit.” Voor hen is het bedrijfs- of winkelpand hun pensioen. Maar als dit pand gekocht is voor 100 en het levert bij verkoop 300 op, dan moet er over de zogenaamde opgebouwde stille reserve van 200 een fors bedrag, dat kan oplopen tot 52% van de boekwinst de, aan de fiscus worden afgedragen en blijft er vaak te weinig over om van te leven. “En”, vult Veenstra aan, “veel ondernemers maken ook jarenlang gebruik van de investeringsaftrek voor hun pand. Bij bedrijfsbeëindiging komt de fiscus langs om dit bedrag alsnog te vorderen. Met alle gevolgen van dien.” Traject anders invullen “In de praktijk blijkt dat ondernemers daar meestal niet op worden gewezen door hun accountant of boekhouder”, gaat Veenstra verder. “En bij de bepaling van de waarde van een pand gaan ze vaak af op wat de fiscus bepaalt. Als een ondernemer dan stopt, doet de betreffende accountant meestal een verzoek tot een minnelijke schikking. De taxateur van de fiscus komt vervolgens langs en daar moet je het dan mee doen. Ik wil dat traject anders invullen en van tevoren al inzichtelijk maken wat de waarde van een pand is. Zodat die ondernemer weet waar hij aan toe is en een reële fiscale afrekening gaat betalen.” Allerlei omstandigheden kunnen namelijk van invloed zijn op de uiteindelijke waarde. Veenstra:” De bestemming van een pand kan veranderen, de locatie kan er op achteruit zijn gegaan, wat is de staat van onderhoud of zit er bijvoorbeeld asbest in het pand. Het zijn maar enkele voorbeelden die van invloed kunnen zijn op de waarde en die je mee moet wegen en bespreken met een taxateur. Mijn doel is om te voorkomen dat de ondernemer veel te veel belasting gaat betalen voor zijn pand.” Vroegtijdig Veenstra ziet met lede ogen de ‘grijze golf’ aankomen. “Veel ondernemers moeten verplicht door, zitten met hun handen in hun haar, omdat ze anders niet meer rond kunnen komen. Dat is triest. Het bepalen van de reële waarde van een pand kan veel leed voorkomen, ik weet zeker dat met gegronde argumenten veel is te bereiken. Ondernemers doen er daarom goed aan zich vroegtijdig op de hoogte te laten stellen van wat hun pand waard is en welke gevolgen dit heeft.” Een andere oplossing voor het probleem van de ondernemer die wil stoppen, ziet Veenstra op dit moment niet. “Wellicht moet de fiscus met een aflossingsvoorstel komen of uitstel geven. Meer vrijstelling is ook een mogelijkheid. Maar of dat gaat gebeuren is de vraag. Ondernemers die nu veertig jaar of jonger zijn en met hun pensioen bezig gaan, adviseer ik in elk geval om hun pand bijvoorbeeld in een BV te stoppen, omdat de fiscale gevolgen dan aanzienlijk kunnen worden beperkt. En ze daarmee meer zekerheid voor later creëren.”